Veenvervanging

Samenvatting

Veen wordt voor een belangrijk deel toegepast in de potgrondsector en in specifieke grondproducten. Voor een aantal van deze toepassingen van (zwart) veen is een uitstekend biobased alternatief beschikbaar, namelijk hoogwaardige compost gemaakt uit organische reststromen. In 2010 werd circa 20% van alle in Nederland geproduceerde groencompost en gft-compost (ongeveer 300.000 ton) ingezet als grondstof voor potgrondproductie (veenvervanger). Het produceren van veenvervanger vraagt om een precieze sturing van inputmaterialen en procescondities van het composteerproces. In de ‘receptuur’ voor het vervaardigen van biobased veenvervangers is voldoende hout essentieel. Het houtdeel van organische reststromen wordt echter in toenemende mate ingezet voor hernieuwbare energieproductie. Dit belemmert de verdere groei van de productie van biobased veenvervangers. De hoeveelheid veen die kan worden vervangen, wordt daarbij primair begrensd door de beschikbaarheid van geschikte reststromen, en niet zozeer door de technische mogelijkheden. Producenten van veenvervangers gaan beleidsinstrumenten analyseren die de mogelijkheden om veenvervangers in te zetten stimuleren. Hierbij kijken zij of het gebruik van hout hoger in de cascade (voor biobased veenvervanging in plaats van energieproductie) kan worden gestimuleerd.

Beoogd resultaat

De Green Deal is bedoeld als een casus waarbij de betrokken partijen onderzoeken of beleidsinstrumenten ingezet kunnen worden die effectief, passend en haalbaar zijn om hout hoger in de cascade in te zetten. Dit moet antwoord geven op de vraag of hout rendabel kan worden gebruikt voor biobased veenvervangers.

Downloads